Wat zijn teken?
Teken zijn geen insecten maar spinachtigen.
Ze bevinden zich voornamelijk in struiken, hoog gras, bossen en kreupelhout. De volwassen teek legt eitjes in de omgeving. Hieruit komen de 6-potige larven, die op zoek gaan naar een gastheer om bloed te zuigen. Dit zijn vooral kleine dieren zoals muizen, egels of konijnen.
Na de bloedmaaltijd vallen ze terug op de grond waarna ze vervellen tot een 8-potige nymfe. Deze gaat op haar beurt op zoek naar een bloedmaaltijd zodat ze kan vervellen tot een volwassen teek.
De periode om deze levenscyclus te doorlopen hangt af van de soort teek en de omgevingsomstandigheden. Dit kan gebeuren op één jaar tijd, maar kan ook 3 jaar duren.
Teken zijn het meest actief in het voorjaar (maart-april) en de herfst (oktober-november).
Teken kunnen verschillende ziekten overdragen.
De ziekte van Lyme wordt veroorzaakt door de bacterie Borrelia burgdorferi. Vooral de mens is gevoelig maar het kan ook ziekte veroorzaken bij de hond. Katten blijken minder gevoelig. Anaplasmose en babesiose zijn andere ziektes die overgedragen kunnen worden door teken.
De meest belangrijke teken voor België en Nederland zijn:
- Ixodes soorten (schapenteek) komen bij ons het meeste voor.
- Dermacentor reticulatus (struikteek) zien we hier af en toe.
- Rhipicephalus sanguineus (de bruine hondenteek) wordt het land ingebracht door dieren die in warmere streken verbleven.

